Mijn eerste date met een getrouwde man
vrijdag 11 juli 2025
Toen ik net mijn eerste onwennige stappen zette op het datingpad, was ik nog een zalig naïeve dromer. De jungle was voor mij een romantisch grasveld vol charmante mannen met serieuze bedoelingen. Tot ik Bert ontmoette.
Bert was testpiloot. Niet van straaljagers, nee, van raceauto’s. Hij had die ruige charme die meteen binnenkomt. Mannenhanden, stoppelbaard, dat licht vermoeide gezicht van iemand die de wereld had gezien. Klinkt sexy, toch?
En hij kon vertellen. Het soort verhalen waarbij je vanzelf dichter naar iemand toe schuift, gewoon om niets te missen. Ik was onder de indruk. En hij ook, van mij, blijkbaar. Want al snel wilde hij over naar WhatsApp. “Handiger als ik in het buitenland ben” zei hij. Natuurlijk, dacht ik. Logisch. Dacht ik.
Maar iets zat er scheef. Zijn berichten kwamen druppelend binnen. Hij reageerde pas uren later, en als ik direct antwoordde, bleef mijn bericht weer hangen in het luchtledige. Alsof zijn wifi alleen werkte als zijn vrouw de hond uitliet. Mijn onderbuik begon onrustig te trillen en niet op de leuke manier.
Ik deed iets wat ik toen nog eng vond: ik vroeg of hij eerlijk kon zijn. “Is er iemand in je leven?” vroeg ik. En ja hoor. Daar kwam het broertje-en-zusje-verhaal uit de kast. En ik dacht: ik ben niet op zoek naar een broer. Ik zoek een minnaar, een vriend en geen kerel met een dubbel leven.
Hij deed nog wat halfslachtige pogingen. Hij wilde graag vrienden blijven, want “de klik was er”. Hij ging echt, écht weg bij zijn vrouw. Zodra de seizoenen wisselden of zijn strijk klaar was - zoiets.
Het universum is soms vermakelijk. Tijdens een shoppingtrip met mijn dochter kwam Bert de winkel binnen. Hand in hand met zijn “zus”. Zijn gezicht liep rood aan als een overrijpe tomaat in een Spaanse zon en ik zag de paniek. Zou ik hem aanspreken? De verleiding was groot. Een vrolijk “Hé Bert! Lang niet gezien… Is dit je zus?” Misschien. Maar ik deed het niet. Ik glimlachte en liet hem in zijn eigen zweet staan. Soms is niets zeggen luid genoeg. Karma had al een afspraak met hem.
En dan vraag ik me af: wat zoeken zulke mannen eigenlijk? Een beetje aandacht? Willen ze testen of ze nog ‘marktwaardig’ zijn? Of zitten ze vast in hun veilige, uitgebluste relatie en durven ze de sprong niet te wagen? Misschien denken ze dat naast elkaar leven, aparte slaapkamers en gezamenlijke verjaardagen ‘genoeg’ zijn.
Maar ik heb geleerd. Ik heb mijn datingradar opgepoetst, mijn wifi-wijsheid aangescherpt en één ding onthouden: als een man zegt dat hij en zijn partner broer en zus zijn, moet je niet verder vragen. Gewoon weglopen.
geplaatst door Jungle - 1523 keer gelezen
Vorige berichten
DE ANDEREN!
Het zijn steeds weer die anderen. Zij antwoorden niet op mijn berichtjes en dus mis ik dates. Er lopen profiteurs rond in de boze wereld en dus toon ik mijn profiel niet op deze site. Zij produceren gemene, platte praat en dus zijn ze een antwoord of reactie van mijnentwege niet waard. Zij/hij neemt de jongste maanden meer afstand waardoor onze relatie verwatert. Zij denken enkel maar aan sex….
Het gaat er soms op lijken dat de medemens van ons leven een hel op aarde maakt. Om het met schrijver en filosoof Sartre helder te stellen: l’enfer c’est les autres. Maar er is ook die andere, vaak zeer beklijvende volkswijsheid: wat je in anderen ziet, zit in jezelf! Oei, dat klinkt enigszins akelig maar misschien toch ook gegrond. Wetenschappers hebben namelijk uitgevlooid dat als we bv. zelf betweterig zijn, de kans dan redelijk groot is dat we de buurman, die over alles en nog wat terstond een eigen mening loslaat, een dikke laag betweterigheid toedichten. En wie zelf de boze wereld wantrouwt zal daardoor overal en altijd niet te vertrouwen schepsels zien ronddolen. We zoeken gemakkelijk in anderen bevestiging van onszelf.
We doen dit onbewust en uit pure zelfverdediging. Het verschijnsel heet dan ook ‘defensieve projectie’. Het illustreert iets essentieels over onze waarneming van anderen. Wat we zien, zit vaker meer in “the eye of the beholder” (het oog van de waarnemer) dan bij de ander. Het goede nieuws is dan dat we veel over onszelf kunnen leren als we in gesprek gaan met wat we zelf over anderen denken of voelen. Zoals in de vermelde voorbeelden. Misschien dromen we er stiekem van om zelf eens rechtuit rechtaan onze platte mening te ventileren en durven we dat niet. Misschien stralen we zelf onbewust uit dat we tegenover onze partner beetje bij beetje afstand nemen en projecteren we dit op onze partner. Misschien zijn we zelf op sex belust maar willen we dat niet uiten en dichten we dit euvel dan maar toe aan anderen, in dit geval vaak mannen.
Om over na te denken? Allicht een soort gratis cursus zelfkennis. Ik vond het in ieder geval leuk om dit eens uit de doeken te doen. Overigens een curieus kenmerk van mezelf!
Enjoy the road
jijikwij
Maar LUISTER nu toch eens!
Luisteren. Een lastige kwestie. Te merken aan de vele klachten erover. Te graag met ons eigen onszelve bezig. Stiekem hopend dat anderen luisteren. Of toch de indruk geven.
Luisteren kent vele namen. ‘Luistert manneke, doet wat ge wilt. Ge kunt de bomen in!’ Gaat over een ander soort luisteren dan: ‘ Als ge niet luistert dan krijgt ge geen zakgeld.’ Over gehoorzamen dus! Of: Dat ik heel graag ‘s morgens bij een traag ontbijt in de tuin luister naar een concert van vroege merels. Over luisteren als genot, een invulling die in ons dagelijks gekwetter al eens faalt. Door de tand des tijds.
Er is ook luisteren naar wat gezegd wordt met als doel iemand begrijpen.Of dit lukt weten we niet door zelf te zeggen: ’Ik begrijp je.’ Dit laatste weet je pas als je erin slaagt om iemands mening, standpunt, redenering te correct te herhalen. Letterlijk, samenvattend of in eigen bewoording. Zonder toe te voegen, weg te laten, te interpreteren, te vervormen en zeker niet te beoordelen. Een vaardigheid in ieders bereik op voorwaarde dat we dat willen en allicht ook al eens inoefenen. Edoch bezijdens dit bestaat zoiets als luisteren voor gevorderden, misschien zelfs voor vergevorderden. Het gaat om vatten wat niet gezegd wordt. Eerder een kwestie van aanvoelen, door woorden heen kijken, tussen de lijntjes begrijpen. Een paar voorbeeldjes.
Hij: ‘Goed gevonden?’ Zij: ‘ Jawel, geen probleem.’ Vraag en antwoord matchen op een eerste gezicht. Alles oké. Maar dan valt het gesprek al een beetje stil. Niet de bedoeling natuurlijk. De vraag ‘ Goed gevonden?’ herbergt onderliggend de bekommernis om een babbel op gang te trekken. Om gênant stilzwijgen te voorkomen. Wie ook die ondertoon hoort en erop afstemt, antwoordt wellicht een beetje anders: ‘ Jawel. Ik dacht eerst met de tram te komen, maar ik vond eigenlijk niet meteen de juiste verbinding. Weet jij daar meer over?’ Als opstap naar leuke babbel.
Of neem deze. Zij: ‘ Ik zit ’s avonds vaak alleen en dan zijn die muren daar telkens weer.’ Hij: ‘ Maar ge moet je daar over zetten. Er is ‘s avonds toch veel te doen. Hier of daar. Ja, tussen de muren blijven hangen, is geen goede oplossing.’ En dan stopt het onderwerp. Een soort kortsluiting omdat hij het onderliggende signaal in het gesprek niet vat. Dat ze behoefte heeft – ook hier en nu - aan iemand die haar begrijpt, die meevoelt of mee invoelt in plaats van met clichés depanneert of zich ervanaf maakt.
Het meest belangrijke is niet wat iemand zegt maar te zeggen heeft. Gesprekspartners die dit laatste bij elkaar aanvoelen en erop aansluiten, beleven hemelse zaligheid aan samenzijn in gebabbel. Een niet aangeboren talent. Eerder een ontwikkelbare vaardigheid gegrondvest op bijpassende attitude. Al vallen en opstaan.
‘Als je luistert om te begrijpen in plaats van om te reageren,
ontstaat echt contact.’
Enjoy the road
Jijikwij
GELUK
‘Schat, mag ik straks de boodschappen doen? Ik wil nu eerst mijn geest en lichaam reinigen, ontslakken, genieten van me-time. Contact maken met de hemelenergie om het vuur in mij wakker te maken, om meer levensintensiteit te ervaren. Weer online komen met mijn leven op weg naar meer vreugde en geluk, minder angst en verdriet. Lichaam, hart en geest ontspannen. Mijn chakra’s in balans brengen, ….’‘Oké schat, maar vergeet niet onze kleine te verschonen, de badkamer op te ruimen, de vuilbakken proper te maken en onze Jef naar de pianoles te brengen. Onderweg ook nog de boodschappen.’
Het lijken haast twee afgescheiden afzonderlijkheden. De dagelijksheid enerzijds en wat er echt toe doet anderzijds: het eigen geluk. Dit laatste is er niet vanzelf. We zouden het moeten maken. Geluksbevorderend ondernemen buiten de werkuren als het ware. Zo is er sprake van een spreidstand die suggereert dat dagelijksheid ons met diepe onvervuldheid achterlaat. Dat moet dan recht worden getrokken. En dat kan, dixit ons heilig geloof in de maakbare mens. Door heel specifieke dingen te doen of te laten. Een speciaal programmaatje te schrijven en plichtsgetrouw uit te voeren. Of een beroep te doen op zelfhulpboeken, gelukcoaches of goeroe’s.
Wie jaagt op geluk erkent het eigen ongeluk: "Er is iets mis met mij, want het lukt mij niet om gelukkig te zijn". Misschien klopt dit wel. Het is ook goed om voor het eigen geluk te zorgen, maar niet als een gepland doel zoals bv. binnen het jaar een huis kopen of naar Santiago de Compostela wandelen. Geluk is geen onderneming maar het effect van wat je doorheen de dag onderneemt. Het overvalt ons als we ons doen en laten niet kapot beredeneren maar meer intuïtief keuzes maken. Naast na-denken ook meer na-voelen wat bij ons (niet) past. Het buikgevoel een kans geven of ‘go with the flow’. Maar ook vrede nemen met onvolmaaktheid, mislukking, tegenslag of met de steenharde vaststelling dat we toch niet de beste, grootste, meest succesvolle zijn. Er rust in vinden en er zelf heimelijk om kunnen lachen.
Hij zocht het geluk in het dal, aan de top,
maar werd het zoeken moe.
Eerst toen hij zei: ‘ Ik geef het op.’
Kwam het naar hem toe.
(Toon Hermans)
Enjoy the road
Jijikwij