Een nachtje
zondag 1 november 2026
Het gebeurt al eens. Een eerste superleuke date. Misschien ook een tweede. Open en spontaan. Vrij en blij. Eens terug ten huize van zichzelve nog een bedankingsberichtje met wensen voor een zachte slaap. En iets in verband met dromen. En dan. In ochtendlijke uren een bedenkingsberichtje: ‘Eigenlijk toch niet.’
Ah die nachten! Ze zouden raad brengen. Er dus eentje over slapen is wijs. Niet over die ene nacht ijs gaan. Met rede en verstand tot waarheid komen. Dixit Descartes en volgeling Spinoza. We zijn er zelf voorstander van en raden het elkaar aan. En toch volgt emotie: ontgoocheling, onbegrip of zelfs boosheid. Wegens niet in lijn met wat in ons hoofd al was uitgeschreven: een scenario voor een verlengd samen doen en zijn. Wat we vervolgens willen verklaren. Ook liefst met rede en verstand. Er een nachtje over slapen hoeft niet. Want we weten het. Het gaat om vrijheidsliefde of bindingsangst, teveel verstand en te weinig gevoel, ‘fomo’ of kwelling dat er misschien in singleland nog betere opties ronddwalen, nog niet verwerkte relatiebreuken of anderskleurige traumatisch ervaringen en onze ongebreidelde ik-cultuur. De dingen zo op een rijtje zien, dat lucht op. Klaar om te remediëren. De andere wordt dan geadviseerd om aan zichzelf te werken zodat in het vervolg onze voorgeprogrammeerde scenario’s wel zouden lukken.
Maar hoe zit het met onze scenario’s zelf? Ze waren er niet toen we voor het eerst licht zagen. Dus niet genetisch gecodeerd maar eigen constructies. Eigen producties of van horen zeggen en daardoor ook inwisselbaar. Voor andere hersenspinsels die misschien meer gemoedsrust en gelukkigheid teweegbrengen. Zoals dat leuke ontmoetingen als ervaring op zich al de moeite waard kunnen zijn. Ook zonder onmiddellijk vervolg. Dat hemelse gelukzaligheid inherent eindig is. Dat de gang van minder wij naar meer ik haast evolutionair een gunst is. Dat bindingsangst misschien wijsheid verbergt. Dat we relatiebreuken of traumatische ervaringen niet eerst moeten wegwerken maar gewoon met ons mogen meedragen. Als deel van onszelf. Erbij te nemen of te laten. Dat…
Maar we zijn doorgaans onbewust verknocht aan klassieke of gangbare scenario’s in ons brein. Dat was ik ook tijdens mijn jongere versie. Ik ervaar ze nu eerder als ‘verknechtend’. Gekleurd door bindingsverlangen of zelfs –drift. Maar binden maakt onvrij en breekt verbondenheid. Terwijl verbondenheid vrij maakt en binden onnodig. Ik prijs me de hemel te rijk als ik mensen ontmoet met wie ik me verbonden mag voelen. Verbonden in het engagement om in tijden met weinig vastigheid maar ontelbare mogelijkheden elkaar te helpen om vorm te geven aan een eigen pad. Ook als dat niet het mijne of het onze is. Om voluit open te staan en te genieten van wat er wel is of kan. Niet morgen maar nu.
Zowaar ik heb gezegd. Of liever geschreven. De wijsheid indachtig dat wie met beide voeten op de grond blijft staan, geen stap vooruit komt.Enjoy the troad
jijikwij
geplaatst door jijikwij - 41 keer gelezen
Vorige berichten
Stemrecht
Als iemand van 55+ na jaren opnieuw begint te daten, ontdekt ze gaandeweg dat ze helemaal niet meer of misschien juist beter weet hoe dat moet.
Hokjesleed
Hokjes. Je ziet ze overal langs Vlaamse wegen en in dito tuinen. Maar ze struinen ook weelderig rond in ons brein. We zien niet een mens maar e
Ik viel altijd voor chemie
Ik heb lang gedacht dat verliefdheid me moest overvallen. Vlinders, chemie. Dat gevoel van: ja, dit is 'm. En als dat er niet was? Dan was het dus